Bonusmama Joanne deelt haar verhaal; ik weet dat ik op de tweede plek sta. Marnix en ik wonen samen met Floris (10), Ally (1) en drie voormalige straathonden uit Curaçao. Ally is ons dochtertje. Marnix heeft een zoon uit een eerdere relatie, Floris. Daarnaast heeft Marnix zelf ook een geweldige bonusdochter, Camilla (18), (half-)zus van Floris. Floris gaat om de 10 dagen naar zijn moeder. Hij fietst dan op de donderdagochtend naar school en aansluitend naar zijn moeder. Op maandagmiddag fietst hij vanuit school weer naar ons. De overgang via school is voor hem prettig. Het helpt hem om niet abrupt van het een in het ander te stappen.
Voordat ik Marnix leerde kennen, had ik de voorkeur om iemand te ontmoeten zonder kinderen. Het leek mij erg ingewikkeld en ik wist ook niet of dat ik daar wel goed in zou zijn; omgeven worden door kinderen die niet eigen zijn. Ik associeerde het met beperkt worden in mijn vrijheid, mijn partner moeten delen, dansen in posities. En ik wilde niets ingewikkelds. Toch merkte ik dat naarmate ik ouder werd, ik vanzelf ook meer in aanraking kwam met mannen die al kinderen hadden.
Marnix en ik hebben elkaar in 2016 ontmoet toen wij allebei in Mali werkten. Ik weet het nog tot op de dag van vandaag. Hij stond in mijn deuropening. Met een enorme flair en lach stelde hij zich voor. Via via, wist ik dat hij kinderen had, maar daar hield mijn kennis ook op. Ik wist niet precies hoeveel en hoe dat dan zat. We zeiden elkaar de maanden daaropvolgend altijd gedag wanneer we elkaar tegenkwamen. En dat was het.
De nieuwe ontmoeting
Een jaar later woonde en werkte ik op Curaçao. Op een eiland, zonder zorgen. Ik was bewust al jaren vrijgezel, omdat ik rampzalige ervaringen had in relaties en aan mezelf wilde werken. Stevig worden en blijven. Ik deed mijn ding en ik vond dat helemaal prima. Via een collega kwamen we weer met elkaar in contact. Dat bleef bij iets eenmaligs tot we elkaar maanden later weer vonden. Sindsdien is er geen dag voorbijgegaan zonder contact, ondanks de enorme afstand. Zeven maanden later hadden we verkering. In die zeven maanden hebben we heel veel gepraat, omdat dat onze enige manier van contact was. Over wat ons bezighield, gesprekken over relaties, hoe we in het leven staan, wat we belangrijk vonden. Ik denk dat die gesprekken onze basis vormden voor de intense tijd die volgde. We hebben elkaar in die periode soms wel even gezien tijdens verlof. Zo konden we tijd doorbrengen samen en voelen we of we fysiek dezelfde connectie hadden als op afstand.
Ondanks mijn ideeën over een partner met kinderen, ben ik het contact met Marnix dus toch aangegaan. Ik voelde dat hij een belangrijk persoon in mijn leven zou gaan zijn, maar wist ook dat het, van mij veel zou vragen. Juist omdat ik heel goed wist waar ik aan zou beginnen, vond ik het moeilijk. Dat heeft niets met Marnix of Floris als persoon te maken. Ik heb juist heel veel geluk met Floris.
Ik weet dat ik onbewust altijd op de tweede plek sta.
Ik sta realistisch in mijn positie als bonusmoeder. Ik weet dat ik onbewust altijd op de tweede plek sta. En laat ik vooropstellen; dat vind ik ook helemaal logisch en verklaarbaar. Ik zag daar wel tegenop, want ik ben gevoelig voor afwijzingen en sta niet graag op een tweede plek. Ik was daarom bang dat ik voortdurend met mezelf in strijd zou zijn. Ik wil namelijk altijd in het belang van Floris handelen, maar ik wist niet of ik dat wel kon in combinatie met gevoelens die ik zou hebben. Die gevoelens zijn echter naar de achtergrond verdwenen en spelen alleen op wanneer ik niet lekker in mijn vel zit.
Mijn komst
Door mijn komst groeit Floris op in een gezin, met alle facetten van een gezinsleven. Dat is een enorme meerwaarde voor hem, ook al voelt het voor hem soms misschien alsof hij zijn papa moet delen. Hij leert nu wel hoe het eigenlijk hoort te zijn en daar ben ik heel trots op.
Ik ben erg blij dat Ally een broer heeft. Ik ben opgegroeid met oudere broers en vond dat heel erg fijn. Het geeft een mate van bescherming. Als ik zie hoe Floris met Ally omgaat, ben ik zo blij dat zij hem heeft. Hij legt haar op een kinderlijke manier dingen uit en hij speelt met haar. Het is fantastisch om te zien hoe blij ze wordt van zijn aanwezigheid. Hij is echt haar grote broer. Hij leert er ook van. Hij krijgt een andere rol in het gezin met een andere verantwoordelijkheid. Ik ben er alert op dat ik ze hetzelfde behandel en doe er alles aan om te zorgen dat hij nooit het gevoel zal hebben dat er sprake is van een ongelijkwaardige behandeling.
Ik merk dat mijn leven als bonusmoeder gaandeweg makkelijker wordt. Wat ik soms nog moeilijk vind is de strijd in mijn hoofd. Ik kan me nog steeds een indringer voelen in Floris z’n leven. Ik heb het idee dat ik zijn leventje heb verstoord en zijn papa van hem heb afgepakt. Ik zet mezelf daarmee op een inferieure positie en voel mij dan bang dat Floris mij eigenlijk niet wil in zijn leven. Daardoor ben ik geneigd signaaltjes of opmerkingen onterecht te zien als een afwijzing. Dat is voor mij namelijk een bevestiging van mijn gevoel en daarom veilig en vertrouwd. Het is voor mij moeilijk om te geloven dat ik er mag zijn als bonusmoeder. Dit is een proces van mij en gelukkig ben ik me hier bewust van, waardoor dit ogenschijnlijk niet merkbaar is voor hem.
Als bonusmoeder ontbreekt er voor mij op intuïtief vlak iets in de verbinding.
Opvoedkundig kosten dingen mij veel meer moeite dan voor Marnix. Zijn positie is onvoorwaardelijk en hij hoeft niet zoveel na te denken over hoe hij Floris benadert. Het instinctief aanvoelen van met welke motieven Floris iets doet of nalaat, dat mis ik. Ik maak mij vaak druk om de mening van Marnix als ik Floris meegeef hoe iets anders kan of wanneer ik hem corrigeer. Dat kost veel energie, want het betekent dat ik altijd met een kleine huivering of vertraging in mijn handelen zit. Soms haal ik daarom wel eens opgelucht adem wanneer hij naar zijn moeder gaat. Ik ben er niet trots op dat ik dat zo voel, maar het is wel zo.
Met Ally is dat heel anders. Ik voel mij naar haar toe stevig in mijn rol als moeder. Ik heb haar gebaard en zal tot in de lengte der dagen haar moeder zijn. Ik vraag mij bij haar niet steeds af: “Wie ben ik om hier iets van te vinden?” Bij Floris denk ik dat onbewust soms wel. Wat er dan eigenlijk gebeurd is dat ik mezelf afvlak, mijn rol en belang in zijn leven kleiner maak. Ik ben dan soms ook echt verbaasd dat hij me vastpakt en zegt: “Ik ga je missen” of “Je bent de beste bonusmoeder die ik me kan wensen”.
Als gezin zit onze kracht in open communicatie. Metaforen helpen daarbij. Ik vroeg Floris eens hoe het voelde dat ik erbij was gekomen in het gezin. Hij had net geschiedenisles gehad en vertelde mij dat hij eerst met papa samen een farao was. Sinds ik er was, was hij geen farao meer, maar een slaaf. Ik schrok, maar gelukkig voegde hij toe: “Ik bedoel niet dat jullie mij als een slaaf behandelen, maar dat ik in de hiërarchie gezakt ben.”
Dat vond ik zo’n mooi voorbeeld. Ik kan me goed voorstellen dat het voor hem wel even slikken is geweest dat er een nieuwe rechterhand van Marnix kwam. Dat betekende dat hij eigenlijk weer lekker volledig kind kon zijn, maar wel dat hij aan het zoeken was naar zijn positie.
Samen in gesprek
We praten veel over het continue gemis dat hij voelt. Of hij mist zijn mama of hij mist papa. Vragen die hij heeft over het verleden, de contrasten die hij ervaart in beide leefsituaties. Als hij zich verdrietig voelt, vraag ik hem vaak naar binnen in zichzelf te gaan. Hij vertelt dan waar hij in zijn lijf een zwaarte of obstakel voelt. We gaan dan samen verkennen hoe dit eruit ziet. Is het zwaar of licht, heeft het een vaste vorm of is het vloeibaar, welke kleur ziet hij? Het helpt om gesprekken op te gang te brengen en om zijn emoties te laten bestaan. Soms is hij ook gewoon een beetje nukkig zonder reden. We hebben code zinnetjes afgesproken zoals: “Het regent zonder wolken”. Dan weten we dat hem even moeten laten.
Floris heeft zijn hoofdverblijf bij ons en dit betekent dat de opvoeding grotendeels bij ons ligt. Dat betreft de leuke dingen, maar ook de minder leuke dingen. We proberen in de hectiek van ons dagelijkse leven de momenten samen leuk te benutten. Bijvoorbeeld door naar buiten te gaan, spelletjes te doen, films te kijken, etc. De ene periode lukt dat beter dan de andere. Het betekent echter ook dat we Floris bijbrengen dat hij functioneel bijdraagt aan het reilen en zeilen binnen het gezin en dat hij wordt opgevoed. Klusjes doen, netjes aan tafel met bestek eten, huiswerk doen, gesprekken voeren over gedrag, omgangsvormen aanleren, normen en waarden meegeven.
De tijd die zijn moeder met hem heeft, is beperkt. Die weekenden zien er dus heel anders uit dan bij ons. Dat kan nog wel eens zorgen voor een scheef beeld (“Bij papa en Joanne moet ik van alles, en bij mama niet”). Bovendien hoeft hij daar geen aandacht te delen met zijn jongere zusje. Hij komt altijd thuis met hele opsommingen van wat ze hebben gedaan. Ik vind dat geweldig voor hem en tegelijkertijd denk ik: “Sh**, dat doen wij allemaal niet met hem. Wat zegt dat over ons?” Ik voel me dan schuldig en geen goede (bonus)moeder. Ik moet dan even terug naar de realiteit, waarna ik ook wel begrijp dat het bij ons gewoon anders is. Het is appels met peren vergelijken, maar ik vind dat wel lastig uit te leggen aan hem.
Als ouders zijn wij op een rechtvaardige manier strikt. We hebben een gezellige, veilige en open sfeer in huis met twee kinderen, drie honden en veel humor. De veilige basis ligt er. We willen dat Floris zich veilig genoeg voelt om alles te zeggen. We stimuleren directe communicatie en corrigeren afwachtend gedrag en indirecte communicatie. Ik denk dat het merkbaar is dat Marnix militair is en dat ik ook lang in een militaire omgeving gewerkt heb. We zijn direct, to the point en hebben een no nonsense approach. We doen dat wel op een lieve en zachte manier.
Essentiele oliën
Floris en ik delen dezelfde interesses over de zorgen om het klimaat en onze nieuwsgierigheid naar natuurlijke producten. We maken veel producten zelf (keelpastilles, kombucha, wasmiddel) en telen eigen groenten. We hebben elkaar hierin gevonden. Hij vertelt mij dingen die hij op school heeft geleerd die ik niet weet en vraagt hij op zijn beurt dingen aan mij over voeding of over mijn essentiële oliën. Hij helpt mij wel eens met koken, met de plantjes en als hij ergens last van heeft, komt hij naar mij toe: “Joanne, heb je een olie voor de pijn in mijn benen en voor ontspanning en lekker slapen?” Ik vind dat echt geweldig.

Ik vind het leuk en fijn om de kinderen mee te kunnen geven welke planten en kruiden ons kunnen helpen bij bepaalde ongemakken. Het geeft ze een soort wereldwijsheid en respect voor onze aarde en natuur. We zetten de natuur in voor het gehele gezin en wat we daarvoor terugkrijgen is ontzettend bijzonder. Al onze ervaringen deel ik op Instagram Wildtrail.Netherlands en het is mijn missie om mensen mee te nemen op onze reis.
Het belangrijkste dat ik als bonusmoeder mee kan geven is dit:
Wees niet bang om open het gesprek met de kinderen aan te gaan. Je kwetsbaar opstellen door aan te geven dat het voor jou soms ook even wennen en zoeken is, geeft veel ruimte en stof tot gesprek. Het gaat erom dat je respectvol omgaat met wat er gezegd wordt. Alle gevoelens kunnen naast elkaar bestaan, zolang je maar respect blijft houden voor elkaar.
Lees ook: Bonusmama en Fabulous Mama hoofdredactrice Flory deelt haar verhaal
Volg je mij al op Instagram? Leuk als ik je daar zie.
